Hondenverhalen
De Zwerver

Het is schat ik zo tussen de vijftien en twintig jaar geleden. Op een vrije Woensdagmiddag was in mijn keukentje alles lekker aan het afsoppen. Het was September, een hemelsblauwe lucht met een stralende zon. Witte wolkjes dreven moeiteloos aan het hemel oppervlak. Ben gek dacht ik bij mezelf, sta me in het zweet te werken terwijl het buiten schitterend weer is. Met een zwaai giet ik de emmer met het sop leeg en pak een boek om me heerlijk in de tuin te nestelen. Terwijl ik aan het lezen ben, voel ik dat ik bespied wordt. Om me heen kijkend zie ik hem daar zitten. Tegen mijn scheef hangend tuinhek. Het flitst gelijk door mijn gedachten, dat dit gerepareerd moet worden en een verfbeurt ook geen overdadige luxe zou zijn. Onze ogen kruisen elkaar. Zijn ogen bijna dichtgeknepen, tegen het felle zonlicht, hij ziet er sjofel uit. Zijn witte jas, die spierwit behoorde te zijn, vertoonden vele slijtage plekken, het leek wel of er onwillekeurig hier en daar een hap uitgetrokken was. Medelijdend kijk ik hem aan, sta recht en wil hem toch even begroeten. Die kans krijg ik niet. Zo snel als hij nog kan, glipt hij achter het schuurtje en is uit mijn zicht verdwenen. Verbaasd heb ik het nakijken. Toch laat ik mijn schuurdeur op een kier open staan. Wie weet. Goed dat mijn man niet thuis is, hij heeft afkeer tegen zwervers, en al helemaal wanneer ik ze aantrek. Ik ga weer verder met lezen en ja, ineens staat hij me weer aan te kijken. Weer kruisen onze ogen elkaar en ze lijken te bedelen. Je moet er niet onnozel voor zijn om te zien dat hij honger heeft. Een duik in mijn koelkast brengt niet veel op. Dan maar de voorraadkast. Daar vind ik een blikje pilchards in tomatensaus. Nou ja denk ik bij mezelf, beter iets dan niets. De tomaten saus spoel ik eraf, ik ontdoe de vis van zijn graatjes en drapeer ze op een bordje. Getooid met een bakje water en de vis, plaats ik dit in het schuurtje.
Hij houdt me nauwkeurig in de gaten vanonder de seringenboom, maar doet geen enkele poging om mij te benaderen. Het angstzweet is hem aan te zien. Daarom verdwijn ik weer zo snel mogelijk. Dit houdt ik zo een goeie drie weken vol, en elke dag rond vijf uur zit mijn zwerver er. Nu de dagen wat korter beginnen worden, de nachten koeler, zet ik in het schuurtje een doos met wat oude wollen truien. Zijn witte jas begint met de dag meer en meer te herstellen. Hij begint zowaar langzaam aan mij te wennen en blijft zelfs zitten als ik het eten in het schuurtje voor hem neerzet. Zijn mooie ogen hebben mij zo gemanipuleerd dat ik tijdens het boodschappen doen ook blikjes wiskas koop. Thuisgekomen haal ik de wikkels van de blikjes eraf, zo valt het niet direkt op dat ik eten voor hem in huis haal. Klagend zei mijn man naderhand eens, dat die leverpastei het eten niet waard was, hij had het blikje in de vuilbak gegooid. Bijna stikte ik van het lachen, wetend dat hij wiskas op zijn brood had gesmeerd. Nooit heb ik het mijn man verteld dat hij Witjes eten gebruikt had.

Een enkel keer komt hij me bedanken. Voor de rest zwerft hij wat rond en slaapt hij in de schuur. Tot ik op een morgen hem helemaal verkleumd aan de achterdeur zie zitten. "Witje" zo noem ik hem ondertussen miauwt klagelijk. Binnen staat de oliekachel lekker te snorren,terwijl hij buiten in het koude schuurtje zijn verblijf heeft. Wederom ga ik overstag en lok hem naar binnen. Ach, lokken is niet eens nodig, hij nestelt zich dicht bij de warme kachel en snort en spint even hard mee. Wanneer mijn man thuis komt nestelt hij zich op zijn schoot, spint een heel verhaal en lijkt het of hij hier altijd gewoond heeft. Hij luistert goed, slaapt veel, en besproeit heel mijn huis zodat welke kater dan ook zal weten dat hij hier woont. De nachten is hij vaak niet thuis, ik hoor hem dan krijsen en janken bij poesen die hier in de buurt wonen. Het lijkt wel of ze een heel jaar krols zijn. De nachtelijke kreten zijn dan ook om niet aan te horen hij wordt dan ook zodra ik de kans krijg, naar de dierenarts gebracht voor een je weet wel kater. Dagenlang heeft hij me behoorlijk beledigend aangekeken. Maar ook hier overleefde hij weer het spel. Zeven jaar is hij bij me gebleven de zwerver, en dat hij geen vrienden schuwde, vertel ik de volgende keer.

Antje

vorig verhaal terug naar voorwoord volgend verhaal

Heeft u ook een verhaal? Stuur uw vraag via verhalen@doggy.net

Ziet u geen frame-versie? Klik hier voor de start pagina
© BCM Best Communication & Management BV
Commentaar over deze Site kunt u mailen aan onze webmaster