Hondenverhalen



Wie is Brammetje 's baas?

Bram heeft het een beetje moeilijk. Hij heeft de laatste weken zoveel nieuwe indrukken opgedaan, dat hij het niet allemaal op een rijtje kan zetten. Bram heeft opeens ook zoveel bazen. Omdat hij nog klein is, en pluizig, vind iedereen Bram lief. Dat zal wel overgaan, als Bram volgroeid is, dat is meestal zo, dan is het "lieflijke" er voor een ander af. Voor mij juist niet, want dan pas ga je de hond goed leren kennen. Nu is het nog seizoen, en iedereen wil wel met Bram gaan wandelen, zoveel en zo vaak Bram wilt. Het vervelende ervan is, dat ik zelf met Bram dan niet meer naar buiten hoef, want dan is Bram dus echt zo moe als een hond. Wanneer Gerda even thuis is, neemt ze Bram mee, naar haar tuin, en dan mag ze ravotten met de drie teckels. Dan is Bram erg in zijn sas.

Hij pikt daar ook al het eten dat hij ziet staan, en als ik dan thuis "lekkere hapjes" voor Bram gekookt hebt, hoeft hij ze niet meer. Met de teckels gaan wandelen vind Bram ook prachtig. Hij springt bovenop ze, bijt ze in hun lange oren, en gaat net zo lang door, tot een van de drie hem terug op de plaats bijt. En dan in mijn keuken, daar zijn twee koks die het prachtig vinden om Bram te voederen en met hem te wandelen of te spelen. In de bediening twee serveersters die ook al om Bram zijn gunsten zitten te bedelen. En tenslotte zijn we er dan zelf ook nog. Bram moet nu al naar zo'n baas of zeven, acht luisteren, en dat wordt een klein beetje moeilijk. Wat van de een mag, mag van de ander pertinent niet. Daar zal ik eens een stokje voor moeten steken, want anders gaat het helemaal de verkeerde kant op met Bram. Als ik Bram straf, omdat hij binnen heeft geplast of gepoept, dan is er altijd wel eentje die dat zonde vind. Niks geen zonde, zeg ik dan, straks ben ik alleen met Frans, en dan moet Bram weten naar wie hij behoort te luisteren. In ieder geval niet naar Jan en alleman. Nu weet Bram zelf niet goed, wat hij moet laten en doen. Daarom treed ik wat strenger op en Frans ook. Maar in Bram zit een heel klein duveltje, die tegen hem zegt, er zijn er hier nog genoeg, die hier rondlopen, en die wel van alles goed vinden. Mis! Bram, dat is dus nu afgelopen. Korte metten, en onze wetten!. Ja, kijk maar sip, maar zo is het, en niet anders.

Je bent dan wel klein en poezelig, maar je woont bij ons, in ons huis, je slaapt het liefst op mijn bed, je knaagt aan mijn tenen, dus zul je ook moeten leren luisteren naar mij. Zonder pardon! En of je het nu leuk vind of niet, wij zijn je bazen, en daar zal je mee moeten leren leven en leren omgaan. In je mand. Want Bram is watervlug, en als hij de kans ziet, zit hij in een mum van tijd, zo op straat, tussen al de auto's. Op mijn dood, ben ik, dat er iets gebeurd, ik moet je dus constant in de gaten houden en moet af en toe ogen op mijn rug hebben. En dat zijn nu precies die kleine dingen, die al je andere bazen niet zien, niet het grote gevaar buiten, niet het vertrouwde, op wie jij als hond kan bouwen en niet het regelmatige, wat of jij juist in je hondeleven wil hebben. Je moet dus helemaal van ons worden, en dan kruipen we vanzelf ook voor jou. Want zo gaat het nu eenmaal. En als jij doet wat wij van jou verlangen, kunnen we samen een heerlijk leven hebben, jij op jou manier, en ik op de mijne. Want betere vrienden als honden en mensen zijn er niet, ze zijn voor elkander gemaakt, en ik heb jou daar speciaal voor genomen, voor een levenslange vriendschap, ons stille verbond. Van mij en m'n hond. Dus Bram, doe je best, je kunt het helemaal bij me maken!

AdJ

week 14week 16





Heeft u ook een verhaal? Stuur uw vraag via verhalen@doggy.net


terug

Ziet u geen frame-versie? Klik hier voor de start pagina
© MarGe - Professional Internet Solutions
Page Design and Hosting by MarGe - Professional Internet Solutions
Commentaar over deze Site kunt u mailen aan onze webmaster
Laatste wijzingen 24 juli 2001